Gedragsvoorbeelden algemeen

  • Spreekt zelf mensen aan in plaats van af te wachten tot hij wordt aangesproken.
  • Geeft persoonlijke informatie om een gemeenschappelijk belangstellingsgebied te vinden.
  • Houdt tijdens informele bijeenkomsten, recepties en dergelijke meerdere korte gesprekken achter elkaar.
  • Praat over een groot aantal onderwerpen mee.
  • Brengt mensen met elkaar in contact, stelt hen aan elkaar voor.
  • Weet tijdens gesprekken de conversatie op gang te houden.
  • Bouwt netweken op.
  • Is lid van commissies en verenigingen.

Gedragsvoorbeelden per niveau

Niveau 1
Voert zonder aarzeling en ontspannen een gesprek met anderen uit zijn/haar directe werkomgeving.

  • Begint zelf een gesprek met iemand uit zijn/haar directe werkomgeving.
  • Gaat ontspannen in op vragen die hem/haar gesteld worden door iemand uit zijn/haar directe werkomgeving.

 

Niveau 2
Spreekt op eigen initiatief anderen aan die hij nooit eerder heeft ontmoet.

  • Praat gemakkelijk over een breed aantal onderwerpen mee.
  • Spreekt tijdens bijeenkomsten met diverse mensen en houdt korte gesprekjes achter elkaar.