Gedragsvoorbeelden algemeen

  • Bepaalt voor het onderhandelen reële doelstellingen.
  • Bepaalt voor het onderhandelen de eigen grenzen en mogelijke concessies. Vraagt naar de argumenten van de ander.
  • Geeft de argumenten voor zijn eigen stellingname die, voor zover mogelijk, aansluiten bij de belangen of doelstellingen van de onderhandelingspartners.
  • Geeft argumenten waarom voorstellen van de onderhandelingspartners niet haalbaar zijn. Schetst de negatieve gevolgen van voorstellen van de onderhandelingspartners.
  • Geeft niet al zijn argumenten in een keer, maar brengt die stap voor stap.
  • Zoekt actief naar gemeenschappelijke belangen en past zijn argumentatie daarop aan.
  • Zoekt naar oplossingen die voor alle partijen aanvaardbaar zijn.
  • Gaat na of de onderhandelingspartner het eindresultaat daadwerkelijk accepteert.

Gedragsvoorbeelden per niveau

Niveau 2

  • Toon zich een onderhandelingspartner die meedenkt met de ander en zich inzet om tot overeenstemming te komen.
  • Benadrukt tijdens het onderhandelen gemeenschappelijke belangen, onderzoekt alternatieven.

Niveau 3

  • Ondersteunt medewerkers/collega’s bij het voorbereiden van of het voeren van onderhandelingen.
  • Geeft medewerkers/collega’s tips of argumenten om hun onderhandelingsvaardigheden te optimaliseren.