Gedragsvoorbeelden algemeen

  • Zorgt voor duidelijk geformuleerde doelen en rollen van leden van een groep/team.
  • Maakt duidelijk welke bijdrage van elk van de leden van het team verwacht wordt.
  • Houdt het team op het spoor, bewaakt de voortgang.
  • Komt op voor de behoeften van het team.
  • Motiveert en inspireert de leden van het team.
  • Signaleert en benoemt succes van het team.
  • Toont erkenning en waardering voor prestaties van het team.
  • Versterkt de saamhorigheid en bevordert de teamgeest.
  • Laat de teamleden met elkaar communiceren en met elkaar problemen oplossen.

Gedragsvoorbeelden per niveau

Niveau 2

Geeft op eigen initiatief richting en sturing aan een team/groep op een manier die leidt tot optimale team- of groepsresultaten.

  • Toont erkenning en waardering voor prestaties van het team/de groep.
  • Spoort team-/groepsleden aan om verantwoordelijkheid te nemen voor het gezamenlijke resultaat.

 

Niveau 3

Stimuleert anderen in de directe werkomgeving op effectieve wijze richting en sturing te geven aan een team/groep. Vertoont voorbeeldgedrag door het ‘wij’-gevoel in het team/de groep te creëren en leden daarvan een veilige omgeving te bieden.

  • Geeft medewerkers/collega’s feedback met betrekking tot hun manier van leidinggeven aan een team/groep.
  • Bespreekt signalen die duiden op conflicten of weerstanden in een team/groep.

 

Niveau 4

Inspireert en faciliteert anderen ook buiten de directe werkomgeving op effectieve wijze richting en sturing te geven aan een team/groep. Vertoont voorbeeldgedrag door het ‘wij’-gevoel in de organisatie of het onderdeel te creëren.

  • Communiceert doelen, missie en strategie op een enthousiaste wijze naar medewerkers in eigen organisatie(onderdeel).
  • Werkt bij het doorvoeren van interne veranderingsprocessen aan de acceptatie bij alle groepen die gevolgen zullen ondervinden van de veranderingen.